Terug naar Kennisbank

Lewy body dementie: wat is het en hoe wordt het herkend?

De derde meest voorkomende dementievorm — herkenbaar aan wisselende cognitie, visuele hallucinaties en parkinsonisme. Diagnose, medicatie en valkuilen.

Geheugenkliniek in de Buurt Redactie11 minuten leestijd
Oudere man zit gedachtenloos in een stoel, zonlicht valt door het raam

Lewy body dementie (LBD) is de derde meest voorkomende vorm van dementie — verantwoordelijk voor 5 tot 10 procent van alle gevallen. Het is een neurodegeneratieve ziekte waarbij abnormale eiwitafzettingen ("Lewy bodies") in zenuwcellen ontstaan, waardoor zowel cognitieve als motorische functies geleidelijk worden aangetast.

Wat LBD onderscheidt van alzheimer is een specifiek symptoomprofiel: wisselende cognitie, visuele hallucinaties, parkinsonisme en REM-slaap gedragsstoornis. Deze combinatie vraagt om een eigen diagnostische aanpak en — heel belangrijk — een eigen medicatiebenadering met specifieke voorzichtigheden.

Onderdiagnose komt vaak voor. Patiënten krijgen soms eerst een alzheimer- of parkinsondiagnose voordat het LBD-karakter wordt herkend. Een geheugenkliniek met ervaren team is daarom essentieel — vergelijk klinieken in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht via onze stadszoeker.

Wat is Lewy body dementie?

Lewy body dementie is een progressieve neurodegeneratieve aandoening waarbij abnormale eiwitafzettingen — Lewy bodies — zich in zenuwcellen ophopen. Het kernbestanddeel is alfa-synucleïne, een eiwit dat normaal voorkomt in synapsen maar bij LBD een verkeerde vorm aanneemt en samenklontert.

De Lewy bodies verspreiden zich geleidelijk door het brein, vaak beginnend in de hersenstam (waar slaap en autonome regulatie zitten), dan naar de hersenschors (cognitie), en uiteindelijk naar visuele en motorische gebieden.

De aandoening is in 1912 voor het eerst beschreven door Friedrich Lewy, een Duitse arts. Het werd lang onderschat als entiteit; pas in de jaren '90 werd LBD als zelfstandige dementievorm erkend met formele diagnostische criteria.

De vier kernsymptomen

Vier verschijnselen vormen het hart van de diagnose. Niet elk symptoom hoeft direct aanwezig te zijn, maar de combinatie maakt LBD waarschijnlijk.

1. Wisselende cognitie

Helderheid en aandacht schommelen — dramatisch en onvoorspelbaar. Het ene moment is iemand goed aanspreekbaar; een uur later starend, niet reagerend, "in een mist". Mantelzorgers omschrijven het vaak als "een lampje dat aan en uit gaat". Deze fluctuaties kunnen minuten, uren of dagen duren.

2. Visuele hallucinaties

Levendig, gedetailleerd en terugkerend. Vaak van mensen, kinderen of dieren. De patiënt ziet bijvoorbeeld iemand op de bank zitten, of dieren in de tuin die er niet zijn. In de vroege fase heeft de patiënt vaak nog inzicht ("ik weet dat het er niet is"); later verdwijnt dat inzicht.

3. Parkinsonisme

Motorische klachten zoals tremor, stijfheid, langzame bewegingen, kleine pasjes en valneiging — vergelijkbaar met de ziekte van Parkinson. Bij LBD zijn deze klachten meestal milder en symmetrischer dan bij klassieke Parkinson.

4. REM-slaap gedragsstoornis (RBD)

Tijdens REM-slaap leven patiënten hun dromen uit: praten, slaan, schoppen, soms uit bed vallen. Dit kan jaren — soms tientallen jaren — vooraf gaan aan andere LBD-symptomen. Een sterke voorspeller dus.

Aanvullende symptomen

Autonome dysfunctie (orthostase, plasproblemen, obstipatie), reukverlies, depressie, gevoeligheid voor antipsychotica.

Verschil met parkinsondementie

Lewy body dementie en parkinsondementie hebben dezelfde onderliggende pathologie (alfa-synucleïne), maar worden klinisch onderscheiden door volgorde van symptomen.

Bij parkinsondementie: motorische klachten zijn er al lang (vaak 5+ jaar parkinson), de cognitieve achteruitgang ontwikkelt zich pas daarna. De motoriek is meestal het dominante probleem.

Bij Lewy body dementie: cognitieve klachten zijn er eerst of vrijwel gelijktijdig met de motorische klachten — binnen één jaar van elkaar. De "1-jaar regel" is een formele scheidingslijn in de criteria.

In de praktijk vloeien beelden in elkaar over en is de scheiding klinisch nuttig maar niet altijd scherp.

Wat zijn Lewy bodies?

Lewy bodies zijn ronde, eosinofiele insluitsels in zenuwcellen die voornamelijk bestaan uit gestapeld alfa-synucleïne. Onder de microscoop zijn ze herkenbaar als kogeltjes met een "halo".

Hoe alfa-synucleïne misvouwt en samenklontert is nog onderwerp van onderzoek. Genetische factoren (mutaties in SNCA, GBA, LRRK2) verhogen het risico, maar de meeste gevallen zijn sporadisch. Verminderde "opruimcapaciteit" van zenuwcellen — autofagie en proteasoomfunctie — speelt waarschijnlijk een rol.

Onderzoek aan synucleïne-gerichte therapieën (vergelijkbaar met de amyloïd-aanpak bij alzheimer) is in volle gang, maar nog niet klinisch beschikbaar.

Diagnose stellen

De diagnose wordt gesteld door een gespecialiseerd team in een geheugenkliniek of bij een neuroloog met ervaring in bewegingsstoornissen.

Klinische criteria

Volgens de internationale criteria (McKeith 2017) wordt gesproken van "waarschijnlijke" LBD bij dementie plus minstens 2 van de 4 kernsymptomen, of dementie plus 1 kernsymptoom plus 1 indicatieve biomarker (DAT-SPECT, MIBG cardiale scintigrafie, polysomnografisch bevestigde RBD).

Beeldvorming

MRI van de hersenen toont vaak relatief gespaarde mediotemporale gebieden (in tegenstelling tot alzheimer waar deze juist atrofiëren). DAT-SPECT (dopaminetransporter-scan) is bij LBD typisch verminderd in striatum — een waardevolle biomarker bij twijfel.

Slaaponderzoek

Polysomnografie kan REM-slaap gedragsstoornis bevestigen. Dit is een sterk argument voor LBD-pathologie.

Medicatie: wat wel en wat NIET

Medicamenteuze behandeling bij LBD vraagt extra voorzichtigheid. Sommige medicijnen die elders standaard zijn, geven bij LBD ernstige reacties.

Wel inzetten

  • Cholinesteraseremmers (rivastigmine, donepezil) — vaak effectiever dan bij alzheimer; verbeteren cognitie en kunnen hallucinaties verminderen
  • Levodopa bij hinderlijke parkinsonisme — meestal lager gedoseerd dan bij klassieke Parkinson
  • Memantine in matige tot ernstige fase
  • Melatonine bij RBD

Pas extreem op

  • Klassieke antipsychotica (haloperidol, risperidon in hoge dosis) — ernstige extrapiramidale reacties, neuroleptisch maligne syndroom
  • Anticholinergica (oxybutynine, sommige antidepressiva, allergiemiddelen) — verergeren cognitie en kunnen delier uitlokken
  • Benzodiazepinen — verergeren cognitie en valrisico

Bij ernstige psychotische klachten

Als medicatie nodig is voor hallucinaties die ernstig lijden veroorzaken: quetiapine in lage dosering of, bij ernstige problemen, clozapine (mits klinische monitoring beschikbaar). Niet starten zonder ervaring met LBD.

RBD — REM-slaap gedragsstoornis

REM-slaap gedragsstoornis verdient eigen aandacht omdat het soms decennia voor andere klachten optreedt. In normale REM-slaap zijn de spieren tijdelijk verlamd, zodat dromen niet worden uitgespeeld. Bij RBD ontbreekt deze verlamming en gaan mensen letterlijk doen wat ze dromen.

Symptomen: praten, schreeuwen, slaan, schoppen tijdens de slaap. Soms verwondingen — voor zichzelf of de partner. Vaak weet de patiënt niets meer als hij wakker wordt.

Belangrijk: 70-80% van mensen met geïsoleerde RBD ontwikkelt na 10-20 jaar een synucleinopathie (LBD, parkinson, multipele systeematrofie). Het is daarmee een waardevolle "vroeg-signaalgroep" voor onderzoek naar preventieve therapieën. Bij RBD-vermoeden hoort polysomnografie bij een gespecialiseerd slaapcentrum.

Behandeling van RBD: melatonine in hoge dosering (3-12 mg) is eerste keus; clonazepam is alternatief maar geeft bij ouderen meer bijwerkingen.

Beloop en prognose

Het beloop is doorgaans iets sneller dan bij alzheimer. Gemiddelde overleving na diagnose is 5 tot 8 jaar, met grote individuele variatie. Vroege en agressieve aanpak van behandelbare symptomen — vooral hallucinaties en cognitieve schommelingen — kan kwaliteit van leven aanzienlijk verbeteren.

Frequente complicaties: vallen (door parkinsonisme en orthostase), aspiratiepneumonie (door slikproblemen), delier bij intercurrente infecties (LBD-patiënten zijn extra delierkwetsbaar).

Mantelzorg bij LBD

Mantelzorg bij LBD is uitdagender dan bij alzheimer. De wisselende cognitie maakt verwachtingen lastig: het ene moment is uw partner een gesprekspartner, het volgende moment "weg". Hallucinaties kunnen confronterend zijn. Slaap wordt verstoord door RBD.

Concrete tips:

  • Houd een patroon van rust en regelmaat — wisselende cognitie is enigszins voorspelbaarder bij stabiele dagstructuur
  • Ga niet inhoudelijk in op hallucinaties; biedt geruststelling ("dat moet vervelend zijn") zonder te bevestigen of weerleggen
  • Slaap apart als RBD risico oplevert
  • Anticipeer op vallen — drempels weg, douchezitje, eventueel rollator
  • Casemanager dementie inschakelen — voor LBD specifiek waardevol omdat het symptoomprofiel complex is
  • Lees ook onze gids mantelzorg bij dementie

Veelgestelde vragen

Hoe vaak komt Lewy body dementie voor?

Het is de derde meest voorkomende vorm na alzheimer en vasculaire dementie — verantwoordelijk voor 5 tot 10 procent van alle dementiediagnoses. Onderdiagnose komt vaak voor: veel patiënten worden eerst gediagnosticeerd met alzheimer of parkinson voordat het Lewy body karakter wordt herkend.

Wat is het verschil met parkinsondementie?

Beide hebben vergelijkbare onderliggende pathologie (Lewy bodies), maar verschillen in volgorde. Bij Lewy body dementie ontstaat de cognitieve achteruitgang vóór of binnen één jaar na de motorische klachten. Bij parkinsondementie heeft iemand al jaren parkinson voordat dementie zich ontwikkelt — en de motorische klachten zijn meestal prominenter.

Waarom geven artsen wel eens fluitsignaal voor antipsychotica?

Patiënten met Lewy body dementie kunnen ernstig en zelfs levensbedreigend reageren op klassieke antipsychotica (haloperidol). Plotse stijfheid, hoge koorts, verwarring — neuroleptische maligne syndroom — kan optreden. Bij gedragsproblemen is grote terughoudendheid geboden; alleen bij ernstig lijden, en dan bij voorkeur quetiapine of clozapine in lage dosering.

Zijn de visuele hallucinaties beangstigend?

Soms, maar lang niet altijd. Veel patiënten zien dieren, kinderen of personen die "gewoon aanwezig" zijn — vaak zonder angst. Bij andere patiënten zijn de hallucinaties wel beangstigend. Belangrijk: ga er met de patiënt niet tegenin op het moment, maar bied geruststelling. Indien ernstig kan medicatie helpen, mits zorgvuldig gekozen.

Mag ik bij LBD nog autorijden?

Bij vastgestelde dementie is melding aan het CBR verplicht. Bij LBD is rijgeschiktheid extra problematisch door wisselende cognitie, visuele hallucinaties en motorische klachten. De meeste patiënten verliezen relatief vroeg de rijbevoegdheid. Een rijtest of medische keuring beoordeelt het.

Helpen cholinesteraseremmers bij LBD?

Ja, vaak meer dan bij alzheimer. Rivastigmine en donepezil kunnen cognitie en hallucinaties verbeteren. Veel klinieken starten direct na diagnose. Bijwerkingen (misselijkheid, traagheid, krampen) zijn vergelijkbaar met alzheimer.

Wat is RBD en waarom is het belangrijk?

REM-slaap gedragsstoornis — uitleven van dromen, met praten, slaan, schoppen tijdens de slaap. Bij ouderen is het een sterke voorspeller van Lewy body pathologie: 80% van de mensen met geïsoleerde RBD ontwikkelt na 10-20 jaar Lewy body dementie of parkinson. Onderzoek loopt naar gerichte preventie in deze groep.

Conclusie

Lewy body dementie verdient gerichte herkenning. Het profiel is anders dan alzheimer en de behandelaanpak is fundamenteel verschillend — vooral wat medicatie betreft. Een ervaren team in een geheugenkliniek maakt een groot verschil voor diagnose en beleid.

Vermoed je LBD bij een naaste? Bespreek de specifieke symptomen (wisselende cognitie, hallucinaties, motoriek, slaap) met de huisarts en vraag om verwijzing naar een geheugenkliniek. Vind een geheugenkliniek bij jou in de buurt.